Gods Humor
God heeft de mens gemaakt naar zijn beeld. Dat betekent: met gevoel, verbeeldingskracht, creativiteit en met humor! Niet alleen de subtiele glimlach waarmee Hij soms door verhalen heen schemert, maar ook de vrije, uitbundige lach die tranen in je ogen brengt van het lachen. En ik hou van lachen. Gewoon heerlijk ongegeneerd en aanstekelijk. Als ik zo ben gemaakt, dan moet God dat dus ook hebben.
Alleen: als je de Bijbel openslaat, valt het een beetje tegen. Jezus wordt wel verdrietig, boos, ontroerd, zelfs woedend, maar nergens staat dat Hij lachte. Geen “En Jezus barstte in lachen uit.” Geen grinnik, geen mop, geen dubbel liggen van het lachen.
Toch weet ik dat God humor heeft. Niet omdat dat letterlijk zo in de Bijbel staat, maar omdat je het zíet in wat Hij gemaakt heeft. Zijn schepping is niet kaal en functioneel, maar overdadig, levendig en soms ronduit komisch.
In Psalm 104 lezen we:
“Hoe talrijk zijn uw werken, HEER. Alles hebt U met wijsheid gemaakt, vol van uw schepselen is de aarde. Zie hoe wijd de zee zich uitstrekt. Daar wemelt het, zonder tal, van dieren, klein en groot. Daar bewegen de schepen zich voort, daar gaat Leviatan, door U gemaakt om mee te spelen.”
De aarde zit vol leven. De zee wemelt van de dieren. En volgens de psalm is dat geen toeval, maar het werk van een God die met wijsheid alles heeft gemaakt.
En als je dan inzoomt op een paar van die dieren en echt even goed kijkt, dan kun je bijna niet anders dan lachen. Want sommige van die schepsels zijn zo bizar en fantasierijk, daar zit meer in dan alleen nut. Daar zie je, als je het mij vraagt, een flinke knipoog van de Schepper.
Dus stel je eens voor hoe dat gegaan zou kunnen zijn:
En God zei: “Geef hem veren, kleur en een vleug drama.”
Deze paradijsvogel is op zich al een kunstwerk: glanzend zwart met felblauwe accenten. Maar als hij indruk wil maken op een vrouwtje, dan gebeurt er iets absurds.
Hij klapt zijn borstveren op tot een ovaal met lichtgevende blauwe strepen, duikt eronder alsof hij zijn hoofd verstopt en begint te dansen. Fladderend. Als een levend hologram. Het lijkt alsof hij uit een andere dimensie komt.
Geen idee of het vrouwtje lacht.
Ik wel.
En God zei: “Geef hem acht ogen en moves waar je u tegen zegt.”
De pauwspin is piepklein, maar heeft grootse plannen. Zodra hij een vrouwtje in het vizier krijgt, steekt hij zijn felgekleurde achterlijf omhoog, spreidt zijn zijdelingse flappen als een mini-schild en begint te dansen.
Zijn pootjes zwaaien ritmisch, hij stapt van links naar rechts, stopt even dramatisch en dan weer door. Het is een volledige voorstelling, met timing, kleur en flair.
En dat allemaal in een lijfje van nog geen vijf millimeter groot.
En God zei: “Laat hij zich opblazen als iemand te dichtbij komt.”
De kogelvis is op het eerste gezicht een rustige, wat sullige vis. Tot je hem laat schrikken. Dan zuigt hij zich razendsnel vol met water (of lucht) en verandert in een ballon met stekels.
Het ziet er koddig uit. Alsof hij niet boos is, maar vooral beledigd.
Alsof hij zegt: “Zo hé, doe eens rustig aan joh!”
Maar vergis je niet: sommige soorten zijn zo giftig dat één hap fataal kan zijn.
Gevoelig type, dus. Blaast snel op.
Maar met een uiterlijk waar je ondanks alles van moet glimlachen.
En God zei: “Geef ze ongekend acteertalent.”
De nabootsende octopus is een onderwatermeester in doen alsof. Bij dreiging verandert hij moeiteloos in een steen, een platvis of een kwal. Net wat handig is. Hij kiest zijn rol en speelt het overtuigend.
Het is niet om te gieren van het lachen. Maar het is zo over de top creatief, dat je denkt: “God had er duidelijk plezier in. Dit was niet perse nodig, dit was lol.”
En precies daar zit die goddelijke knipoog. Geen noodzaak. Geen nut. Gewoon: omdat het kon.
Gods humor, op hoog niveau.
En God zei: “Maak ze log, lomp en lief.”
De panda is een roofdier op papier, maar in de praktijk?
Peuters in berenpakken die geen idee hebben van hun eigen gewicht, zwaartekracht of logica.
Ze hangen ondersteboven aan een tak, struikelen over hun eigen poten, raken verstrikt in hun eigen speeltoestel en lijken nergens last van te hebben. Alsof hun hele lijf ontworpen is om te stuiteren, niet om te jagen.
Ze zijn aandoenlijk, absurd en zo grappig. Je kunt er onmogelijk naar kijken zonder te lachen.
Niet nodig, wel geniaal
Nou, het mag wel duidelijk zijn dat God dus wel degelijk humor heeft. Waarom zou je anders zulke karaktertrekken, fratsen en gekkigheid in dieren stoppen?
We hadden bij wijze van spreken echt wel afgekund met een schaap en een koe. Functioneel, praktisch, klaar. Maar God heeft al Zijn creativiteit en humor gelegd in deze dieren.
Zodat ook wij heerlijk kunnen genieten en lachen!
✧
Kijk vandaag eens om je heen,
waar zie jij de humor van God in?!
✧
✧ Nog Meer Lezen ✧
✧ Blog Series ✧
✧ Even Iets Anders ✧
Wil je meer dan alleen lezen?
Op de hoofdpagina’s Rust, Ruimte en Relatie vind je cursussen, gebeden en inspiratie.











